Hoi, ik ben Charlie. En ja, ik ga het hebben over iets waar ik lang over heb getwijfeld of ik het wel durfde te delen: angst. Niet zomaar een beetje zenuwachtig voor een proefwerk, maar echt bang zijn. Bang om ziek te worden. Bang om alleen te zijn. Bang dat er iets gebeurt wat ik niet snap of niet kan stoppen.
Mensen die me goed kennen denken hierbij: “Maar Charlie, jij bent toch altijd vrolijk? Jij straalt altijd!” Ja, dat hoor ik vaak. Op school zeggen mensen dat ik alles voor elkaar heb. Maar eerlijk? Achter die glimlach is het soms best heftig. ’s Avonds in bed, als het stil is, komen de gedachten. Dan voel ik ineens die angst opkomen. Shit, straks word ik misselijk. En als ik misselijk word, moet ik misschien overgeven. En dat is echt mijn grootste nachtmerrie. Niet een beetje spannend, maar gewoon een dal waar ik niet meer uitkom. Mijn hoofd tolt, mijn lichaam voelt zwaar en ik denk: dit stopt nooit meer. En het gekke is, meestal ben ik helemaal niet misselijk. Maar in mijn hoofd wordt het zo groot dat ik mezelf gek maak. Soms durf ik niet eens te slapen, omdat ik bang ben dat ik midden in de nacht wakker word en het gevoel weer terug is.
En het is niet alleen dat. Soms ben ik ook bang dat mijn ouders weggaan en nooit meer terugkomen. Dat ik alleen achterblijf. Geen idee waar dat precies vandaan komt, maar ik weet wel dat ik het al heel lang voel. Op school durfde ik dit nooit te zeggen. Bang voor wat anderen zouden denken. Bang dat mensen zouden zeggen dat ik me aanstel. Dus hield ik alles maar binnen. Dat is echt zwaar, kan ik je vertellen.
Maar nu… Nu ben ik bij WDO. En daar heb ik geleerd dat je niet raar bent als je bang bent. Dat niemand je veroordeelt om wat je voelt. Eerlijk? Dat was echt nieuw voor mij. Want op school draait het vaak om gedrag: je wordt beoordeeld op hoe je je gedraagt, niet op wat je voelt. En bij WDO mag je gewoon jezelf zijn. Of nou ja, je mag alles laten zien wat je voelt. Dat is echt zo’n opluchting.
Het grootste wat ik heb geleerd? Om hulp vragen is geen zwakte. Het is juist superdapper. Dat vond ik eerst heel eng, maar nu weet ik: de wereld wordt er alleen maar beter van als je deelt wat je moeilijk vindt. Toen ik het eindelijk aan mijn ouders vertelde, reageerden ze zó lief. Ik voelde me echt licht worden, alsof er een rugzak van mijn schouders viel. En nu doen we samen de angstoefeningen die ik van Joey krijg bij WDO. Soms met mijn moeder, soms alleen. En binnenkort ga ik ook praten met Marloes, de Orthopedagoog bij WDO. Dat vind ik spannend, maar ook fijn. Want ik hoef het niet alleen te doen.
Wat ik vooral wil zeggen met dit verhaal: je gevoelens zijn er niet voor niks. Ze willen je iets vertellen. En het is oké om bang te zijn. Echt. Ik ben niet minder leuk, minder slim of minder stoer omdat ik soms bang ben. Sterker nog, ik ben juist trots dat ik dit nu durf te delen. Want misschien help ik er iemand anders mee, jou misschien wel. Of je ouders. Of je juf of meester. Want als wij als kinderen leren om over onze gevoelens te praten, kunnen volwassenen dat misschien ook wat makkelijker doen.
En weet je? Mijn angst is niet zomaar uit de lucht komen vallen weet ik nu. Toen ik klein was, snapte ik niet wat tijd was. Als mijn ouders even bij me weg waren, dacht ik dat ze nooit meer terugkwamen. Dat gevoel is bij mij blijven hangen. Maar nu ik weet waar het vandaan komt, kan ik er wat mee. Ik leer nu dat angst soms ook gewoon een signaal is van mijn lichaam. Iets waar ik naar mag luisteren, maar wat ik ook kan leren loslaten. En hoe cool is het dat ik daar nu al mee bezig ben, zodat ik er later niet meer zo’n last van heb?
Dus, aan iedereen die dit leest, of je nou net zo oud bent als ik, ouder, of misschien zelfs ouder dan mijn ouders: wees niet bang om bang te zijn. En vraag om hulp. Echt, dat is het stoerste wat je kunt doen.
Liefs,
Charlie
